Frans Niekel zorgt voor een frisse wind bij Basisschool ‘de Waaier’
Een interview door Kathelijn Rombaut
Afscheid en een nieuw begin
Op 1 november 2009 nam Frans Niekel afscheid van de Sint Antoniusschool. Ruim 30 jaar was hij verbonden aan de school. Deze bijzondere man met een missie is nu de nieuwe directeur van Basisschool ‘de Waaier’ in de Indische buurt.
Niekel vertelt over zijn stap naar deze school:
‘Sinds 1979 heb ik diverse functies bekleed op de Sint Antoniusschool. Eerst tien jaar als leerkracht, daarna 10 jaar adjunct-directeur en de laatste tien jaar was ik schooldirecteur. In de loop der jaren is er een hoop veranderd.
Vroeger stond je als directeur ook nog voor de klas. Dat is er nu niet meer bij. Tegenwoordig ben je veel tijd kwijt aan verslaglegging en administratie. Alle fasen die de leerlingen en de school doorlopen, moeten worden vastgelegd. De leerlingdossiers zijn daar een voorbeeld van. De communicatie zowel intern als extern is enorm uitgebreid. Dat maakt ook dat je taak veranderd is.’
(Hij maakt) het verschil
Ik vraag wat het verschil is tussen deze twee Amsterdamse scholen.
Frans lacht. ‘Er zijn veel verschillen. Bijvoorbeeld de samenstelling van de populatie. De kinderen op de Sint Antoniusschool hebben voornamelijk hoogopgeleide blanke ouders. Basisschool ‘De Waaier’ is een vrijwel100 procent ‘zwarte’ school. Het opleidingsniveau van de ouders loopt sterk uiteen. En liep op mijn vorige school alles op rolletjes, hier is een hoop werk aan de winkel. Dat is ook precies de uitdaging waar ik voor wil gaan.
De afgelopen acht jaar werd ‘De Waaier’ geconfronteerd met een komen en gaan van schooldirecteuren en interim directies. Zo’n situatie is een ramp voor een school en voor een team. Beslissingen worden uitgesteld, vernieuwingen vooruitgeschoven en zo staat eigenlijk alles stil. Leerkrachten moeten zó veel op eigen houtje uitzoeken dat ze steeds individueler gaan opereren. Iets wat in het onderwijs toch al snel gebeurt. Heel begrijpelijk, maar niet goed voor de samenhang, de collegialiteit en de structuur binnen de school.
Bij mijn indiensttreding bij ‘de Waaier’ heb ik beloofd deze kar te gaan trekken. Ik ben geen job-hopper. Met de belofte dat ik hier de rest van mijn schoolloopbaan blijf, geef ik aan dat ik sta voor stabiliteit. Iets wat deze school heel goed kan gebruiken.’
Aan de bak
Ook het niveau van de twee scholen loopt sterk uiteen.
‘De Sint Antoniusschool staat in Amsterdam centrum bekend als een van de allerbeste scholen van Amsterdam. De Waaier presteert daarentegen onder de maat. Het streven is naar een substantiële verbetering van de resultaten in twee jaar! We moeten dus echt NU aan de bak.
Bij mijn afscheidsspeech memoreerde ik mijn vader. Die zei destijds, toen ik de politieopleiding verliet zonder papieren, dat ik maar eens moest gaan werken. Ik vind inderdaad dat ik nu, na 51 jaar onderwijs, dan toch eindelijk eens moet gaan werken. Al die jaren hiervoor zijn me eigenlijk komen aanwaaien. Nu moet ik echt aan de slag, maar ik heb er heel veel zin in. ‘De Waaier’ is een school die het waard is om je schouders onder te zetten!’
Als ik Frans vraag wat hij dan wil gaan aanpakken, is het antwoord ‘Heb je even? We zijn bezig met bijvoorbeeld de verbetering van de communicatie. Er wordt druk gewerkt aan een website. En door bijvoorbeeld het opstellen van een agenda, zullen de teamleden minder langs elkaar heen werken.
We gaan aandacht besteden aan verslaglegging. Dat maakt de ontwikkeling voor leerkrachten en ouders overzichtelijk en inzichtelijk. Sinds vorig jaar is er een interne begeleider. Een prettige ondersteuning voor de leerlingenzorg en de leerkrachten.
Er ligt al een kwaliteitsverbeterplan. Daar moet nu invulling aan gegeven worden. Een consistent management team opzetten, werken aan lezen, taal en rekenen, klassenmanagement, pedagogisch-didactische vaardigheden van leerkrachten, de organisatiestructuur herschikken; allemaal zaken die op mijn bordje liggen.
Mijn eerste werkweek bood ik de leerkrachten elke dag een gezamenlijke lunch aan. Het even bij elkaar zitten in de pauze is hier geen gewoonte. Ik hecht daar echter veel waarde aan. Op die manier kun je van elkaar leren. Je weet van elkaar wat er speelt en kunt elkaar direct ondersteunen bij problemen. En je hoeft niet zelf steeds het wiel uitvinden. Dat scheelt energie die je dan weer voor andere zaken kunt aanwenden.’
Een school voor iedereen
Ook de communicatie met ouders gaan we oppakken. ‘De Waaier’ moet een brede school worden, met ruimte voor iedereen. Er staat een verbouwing op het programma. Ik krijg een eigen ruimte om mensen alleen te kunnen ontvangen. Er komt ook een ontmoetingsruimte voor ouders. Voor allochtone ouders gaan we cursussen organiseren. Bijvoorbeeld inburgeringcursussen, maar ook logopedie of taallessen. Voor iedereen zal hier iets te halen zijn. De school gaat meer leven en wordt een ontmoetingsplek voor iedereen.’
Volle agenda
Veel overleg en mensen aansturen. Dat is een volle agenda. Wat ga je doen om te zorgen dat het team zich niet overladen voelt met verbetertrajecten? ‘Enerzijds zal ik mijn team aansporen, want we moeten echt een slag gaan maken. Anderzijds kan ik hen ook gerust stellen omdat ik weet dat we het kunnen.’
Heb je hulp bij het in- en doorvoeren van alle veranderingen?
‘We werken onder andere samen met adviseurs van het ABC. Vanuit de Sint Antoniusschool ben ik met hen bekend. Met elkaar gaan we er een mooie school van maken!’
Eigen sfeer
Zelf heb ik Frans een aantal jaren meegemaakt als directeur op de Sint Antonius. Ik vertel hem dat ik het zijn kracht vond altijd een eigen sfeer te creëren. ‘Ja, ik vind het belangrijk dat de sfeer op een school goed is. De Waaier is een kleine school en ik begin al wat kinderen bij naam te kennen. Dat is fijn en geeft iedereen een gevoel van geborgenheid.
Op mijn vorige school stond een piano in de centrale ruimte waar ik regelmatig even op speelde. Leerlingen en leerkrachten vonden dat erg gezellig. Soms zetten ze speciaal hun deuren open om even mee te luisteren. Het geeft rust en je wordt er vrolijk van. Op ‘de Waaier’ heb ik geen piano en geen centrale ruimte, maar daar zal vast weer iets anders voor in de plaats komen. Ook hier wil ik een eigen, goede en veilige sfeer creëren waarin iedereen kan werken en tot zijn recht kan komen.’
Reacties
vorige directeur