Terug naar het onderwijs
'Terug naar het onderwijs', was de boodschap. En dat is wat we deden op maandag 15 maart in Amsterdam. Na de koffie in De Balie in ganzenpas richting het Barlaeus Gymnasium. Terug naar de onderwijsarena in letterlijke en figuurlijke zin. Zittend op de houten banken zie ik een paar van mijn trouwe 'klanten'. Gelukkig, ik weet dat zij ook graag terug gaan naar het onderwijs. Maar al die andere aanwezige professionals? Ik zie een interne begeleider die me eerder vertelde niets te zien in “passend onderwijs”. Ze heeft een flink aantal collega's mee. Dat kan een mooi debat worden, houd ik mezelf voor. Ik negeer het bonken ergens van binnen en bijt nog even de laatste nagel af. We zitten op deze maandagvond op de harde houten banken omdat we hart hebben voor kinderen. Omdat we ergens iets met onderwijs te maken hebben. Omdat we allemaal het beste willen voor 'onze' Amsterdamse kinderen.
Gedurende de avond ontspint zich een debat. Startend met gesproken columns van mensen met verstand van onderwijs. Eén van de sprekers heeft het over 'andersoortige kinderen'. Mooie formulering voor kinderen met speciale onderwijsbehoeften. Ik ben benieuwd waar we de avond gaan eindigen. Hebben we echt een Amsterdams manifest passend onderwijs? Of blijft het bij een mooi, hip blauw boekje in de la van Kete Kervezee van de PO-raad?
We praten over etiketteren. Ik proef een vorm van verzet als het over de labels gaat. We willen niet etiketteren, maar wat dan? En hoe kunnen onderwijs en zorgverlenende instanties elkaar vinden? Spreken we wel dezelfde taal? Maar het belangrijkste: weten we wat onze kinderen nodig hebben om tot leren te komen? Soms weten we het niet. Dan blijven we zoeken naar mogelijkheden. Veel vaker weten we het wel. Dan vragen we ons vaak af hoe kunnen we hieraan tegemoet komen? Hoe zorg ik voor de nodige ondersteuning aan alle leerlingen in de huidige praktijk? Deze vraag blijkt uiteindelijk de kern weer te geven van deze avond.
Ik ontdek dat we hier vanavond zitten met maar één reden. We hebben hart voor kinderen. We willen ze tot leren en ontwikkelen helpen. We zijn er goed in. Maar… wat hebben we elkaar toch hard nodig om het beste uit alle kinderen te kunnen halen. Daarom zitten we hier vanavond. Op die harde houten banken, zomaar op maandagavond. Midden in de stad, die volgens één van de aanwezigen soms wat atypisch is. Ze heeft gelijk. We zijn atypisch, met atypisch onderwijs en atypische ideeën. Maar ik concludeer, deze atypisch stad heeft er een nieuw levend manifest bij. Het Amsterdamse manifest passend onderwijs is van ons allen. Ook van degenen die aan het begin van de avond niets zagen in passend onderwijs.
Vanavond hebben we het gezien. Passend onderwijs gaan we geven, door terug te keren naar onderwijs. Door samen te werken met zorginstellingen. Door trots te zijn op wat we al hebben bereikt. En samen te werken met iedereen die ook maar iets te maken heeft met kinderen. In onze wijken en stadsdelen, in deze atypische stad. Ik zie trotse leerkrachten, trotse bestuurders, trotse directeuren. En ja, ik kan het niet ontkennen. Ik ben trots dat ik onderdeel uit mag maken van het ABC als Amsterdamse onderwijspartner. Samen gaan we het doen. Uitvoeren wat we vanavond in het manifest hebben onderschreven. We gaan die omslag in het denken realiseren. Weg van de zorginstelling, terug naar het onderwijs. Het was de harde houten banken waard…
Dorothea Novak, senior onderwijsadviseur van het ABC
⇒Lees hier de column van René Peeters (AWBR)
⇒Lees hier de inbreng van Edith Hooge (HvA)